Estimated Discharge Time (EDT)

Aanleiding
Veel containers met prioriteit in het achterland worden door multimodale vervoerders per vrachtwagen opgehaald in de zeehaven; de vervoerder heeft alleen de verwachtte vertrektijd van het zeeschip als zekerheid voor de beschikbaarheid van containers. Dit probleem groeit met de toenemende scheepsgrootte mee. De verblijfsduur van schepen in de haven wordt steeds groter. 72 uur is niet ongewoon meer. Nederlandse inlandoperators geven aan nu gemiddeld zo'n 5-15% van de door hen vervoerde containers per vrachtwagen in Rotterdam op te halen, er is dus grote potentie een deel van deze containers van de weg te halen en multimodaal te vervoeren.

Toepassing
Een betrouwbare verwachte lostijd op containerniveau kan ervoor zorgen dat een groter deel van de containers over water of spoor vervoerd zal worden. Door een goede en betrouwbare EDT wordt het mogelijk containers met een prioriteitstelling toch op een van de vaste diensten per binnenvaart of spoor in te plannen en te vervoeren. Gebruik van EDT door de planners stond centraal. Er is dan ook gewerkt aan zowel dataontsluiting als betrouwbaarheidsanalyse, om de perceptie van onbetrouwbaarheid weg te nemen.
Aanpak
Binnen dit project hebben opeenvolgend twee aparte trajecten gelopen. Het eerste traject liep samen met Hutchinson Ports ECT en was gericht op het bepalen van de kwaliteit van EDT-voorspellingen. Dit is gedaan samen met datascientists van ECT, waarbij geborgd is dat de aanpassingen aan het mechanisme hun weg vonden naar daadwerkelijke toepassing in de ECT-systemen.
Het tweede traject is vervolgens opgepakt met Poort8 en inlandoperator BTT uit Tilburg, onderdeel van de West Brabant Corridor. Planners van BTT kregen EDT-data (van de ECT en APM terminals) beschikbaar en werden geïnformeerd over de betrouwbaarheid van deze voorspellingen.
Resultaat
Concreet resultaat is dat voorspelalgoritmiek verbeterd is en dat tijdens de pilot al met enige regelmaat containers multimodaal vervoerd zijn die eerder over de weg gepland waren. Het project heeft daarnaast het inzicht opgeleverd dat dataontsluiting alleen niet genoeg is. Planners willen bewijs van kwaliteit van de voorspellingen zien. De bevindingen zijn opgeleverd in een (eind)rapportage.
Gesprekken lopen om Estimated Discharge Time te laten doorgaan als een livinglab binnen het DIL programma (begin 2024 te starten), een add-on bovenop het reeds lopende livinglab “verwacht losmoment” dat zich richt op dataontsluiting. Juist door inzicht te geven in de kwaliteit van voorspellingen wordt de negatieve perceptie weggenomen en gebruik aangejaagd.
Aan deze projecten hebben we ook gewerkt: